Ouderschap als leerweg, net als kamp van koningsbrugge.
Laatst zat ik naar Kamp van Koningsbrugge te kijken. Vijftien gewone burgers die een paar dagen lang worden ondergedompeld in een training zoals die ook bij de special forces wordt gegeven.
De deelnemers denken dat ze een lichamelijke uitdaging aangaan. Gaandeweg blijkt het om iets heel anders te gaan. De echte strijd speelt zich niet af in hun lichaam, maar in hun hoofd.
Wat ik vooral zie: als je doet wat je moet doen, zonder te weten waarom je het doet, dan wordt op een gegeven moment de weerstand groter dan de motivatie. Dat is de enige manier om een vlammetje brandend te houden, ook als het zwaar wordt.
Dat raakte iets in mij.
Want opvoeden voelt voor mij soms precies zo.
Je vlammetje brandend houden, ook als het tegenzit
Voor mij als ouder heb ik een vlammetje brandend te houden als de weerstand sterk is. De weerstand in het gedrag van mijn kinderen als ze iets niet doen wat ik wil dat ze doen of als ze iets doen wat ik niet wil dat ze doen.
En het is voor de kinderen in hun ontwikkeling belangrijk dat ze leren een vlammetje brandend te houden, ook als het tegenzit en te leren om zin te geven aan de dingen die “moeten” gebeuren in het leven. Een vlammetje dat motiveert om niet aleen naar je kleine wil maar ook naar je grotere wil te luisteren. Niet alleen de dingen die instant gratifacation geven, maar ook op langere termijn vervulling brengen.
Ik merk dat ik voortdurend zoek naar de balans. Een balans tussen discipline en meebewegen met wat op het moment prettig voelt. In de verwachtingen naar mezelf én naar de kinderen.
Wat is de juiste balans tussen ruimte geven vs verwachtingen?
Wanneer laat je los, en wanneer zeg je: in ons gezin doen we het zo?We ruimen onze spullen op. Als je ergens aan begint, maak je het af. We houden rekening met elkaar.
Hoe kunnen we leren authentiek te zijn: trouw aan onze grenzen en behoeften én oog hebben voor de behoeften van de groep, de gemeenschap?
Als we geen gezamenlijk doel hebben, hoe verbinden we dan de individuele willetjes met elkaar?
“To do” of “to be”?
Ik merk zelf dat de dagen dat ik “de relatie met” bovenaan mijn to do lijstje zet, zo anders zijn dan de dagen waarop de to do lijst zelf belangrijkst is.
Niet de taak verandert — de afwas blijft de afwas.Maar de laag eronder wel.De betekenis verandert.En daarmee ook mijn ervaring.
Als ik op de “doen” modus sta heb ik eerder last van frustratie omdat er “niet meegewerkt” wordt, en is er al snel de tegenbeweging van nergens meer zin in hebben, overprikkeling en ongeduld.
Maar als ik voel waar het werkelijk om gaat, ontstaat er iets wat sterker is dan mijn tegenzin.
De tegenzin om de afwas te doen, om met de weerstand van de kinderen te dealen, verdwijnt niet.
Maar de betekenis wordt groter dan de weerstand.
Misschien is dat wel de discipline waar ik naar op zoek ben.
Niet de discipline om mezelf voorbij te lopen, maar de discipline om steeds opnieuw terug te keren naar wat werkelijk belangrijk is.
Steeds opnieuw voelen: waar doe ik het voor?
Iets doen waar je geen zin in hebt is ook een spier
Want als ik dat bewust leef met mijn kinderen, ontstaat er iets wat dieper gaat dan gedrag of taken.
Dan gaat het over bijdragen, verantwoordelijkheid en meebewegen met iets wat groter is dan jezelf.
Ik zeg soms tegen de kinderen: Iets doen waar je geen zin in hebt is ook een spier.. Veerkracht, zelfvertrouwen, eigenwaarde krijg je niet doordat het leven makkelijk is, maar doordat je ontdekt dat iets belangrijker kan zijn dan je weerstand.
Waar doe je het voor?
En wat dan belangrijker is, dat moet ieder voor zich zelf ontdekken. Net als in kamp van Koningsbrugge als de deelnemers individueel een “nutteloze” bielzenmars lopen (met rugzak en een biels van 12 kilo einedloos lopen zonder dat je weet wanneer het klaar is).
Waarom doe je wat je doet?
Mijn kinderen zullen dat ook zelf moeten ontdekken. Ik kan ze wel op weg helpen door ze in de jaren dat we samen leven een ervaring mee te geven.
Ik kan ze laten merken dat hun bijdrage ertoe doet.
Ik kan stoppen met dingen uit handen te nemen die ze zelf kunnen.
Ik kan ze uitnodigen om mee te denken over beslissingen die passen bij hun leeftijd en uitnodigen tot zelfreflectie.
En soms kan ik ze laten ervaren hoe fijn het is als iemand iets voor je doet wat je wél zelf kan.
Ik kan ze uit nodigen tot samenwerken door verantwoordelijkheid te geven(dus ook de ruimte te geven om het fout te doen)
En door momenten van samen schoonmaken, koken, afwassen, eropuit gaan hoop ik ze het plezier van samenwerken te ervaren.
Net als alle keuzes vraagt ouderschap steeds opnieuw om hernieuwde toewijding.
Hoe hou jij als ouder je vlammetje brandend?
Heb je vragen over opvoeding, ouderschap of het gedrag van je kind?
Je bent welkom op ouders-in-verbinding.com.
Mirella Werba, Coach en Opsteller voor Ouders.
Moeder van vijf (Michael 23, Salome 21, Eliya 14, Isajah 11 en Marianna 8)
